Bedreigingen worden bondgenoten
De Gouda-kaars ontwikkelde zich snel tot een goed produkt en ontving diverse (inter)nationale onderscheidingen. Twee technische ontwikkelingen, namelijk de gloeilamp en de ontdekking van paraffine als goedkopere grondstof in plaats van stearine, leken de voortgang van de kaarsenfabriek te bedreigen. De directie wist beide in het voordeel van het bedrijf toe te passen. Door aansluiting op het elektriciteitsnet kwam men tot een hogere produktie. Ook ging men zogenaamde 'compoÂkaarsen' produceren: kaarsen op basis van een combinatie van stearine en paraffine.
Achtereenvolgens werden in 1901 de Chemische Fabriek te Rotterdam en de Zeep- en Waspoederfirma T.P. Viruly & Co. te Gouda overgenomen, waarna in 1906 de Koninklijke Waskaarsenfabriek te Amsterdam volgde. De eerste naamswijziging vond plaats in 1899: naar aanleiding van het bezoek van de koninginnen Emma en Wilhelmina in 1897 werd het predikaat "koninklijk" verleend.
Van kaarsen naar halffabrikaten
Na de eeuwwisseling begon de verschuiving van kaarsenfabriek naar chemische fabriek. Kaarsen bleven het hoofdprodukt, maar de omzet daarvan breidde zich niet verder uit, terwijl de verkoop van stearine-, oleïne- en glycerineprodukten toenam. Ondanks de zeer beperkte invoer van grondstoffen gedurende de eerste wereldoorlog kon de kaarsenfabriek toch blijven produceren. De directie richtte zich wel meer op het buitenland om het bedrijf winstgevend te houden. Men nam deel in binnen- en buitenlandse ondernemingen. Door de fusie in 1929 met de enige overgebleven grote concurrent, de kaarsenfabriek Apollo te Schiedam, kon men de crisisjaren overleven. Hieruit ontstond eind 1941 de N.V. Verenigde Stearine Kaarsenfabrieken Gouda-Apollo te Gouda.
Brand en oorlog teisteren Gouda's trots
Dieptepunt in de geschiedenis van de kaarsenfabriek is ongetwijfeld de grote brand op 11 mei 1936, waardoor het bedrijf werd lamgelegd. De schade was vele malen groter dan bij een eerdere brand, op 29 januari 1884. Wel kon het bedrijf weer worden opgebouwd en opnieuw ingericht, maar toen die operatie bijna voltooid was, brak de tweede wereldoorlog uit. Tot eind 1944, toen alles in beslag werd genomen, heeft men kunnen produceren, zij het op beperkte schaal en met als resultaat produkten van veel mindere kwaliteit.
Na de oorlog had men te kampen met verouderde en defecte machines. Ook was er gebrek aan technologische kennis, die wel in de Verenigde Staten aanwezig was. De directie richtte zich dan ook op dat land en nam kennis en machines over. Enkele miljoenen guldens werden geinvesteerd in nieuwe en moderne installaties, procédés en produktiemiddelen.
De jaren '50 kenmerkten zich als een periode van technische en economische bedrijvigheid. In 1958 werd het 100-jarig jubileum gevierd. Ter gelegenheid daarvan werd opnieuw het predikaat "koninklijk" verleend, dat in de oorlog verloren was gegaan. In 1960 werd de fabriek overgenomen door de Unilever-Emery N.V., een vennootschap gesticht door Unilever en het Amerikaanse vetzuurbedrijf Emery Industries Inc. Men bleef echter spreken van de Goudse kaarsenfabriek en de naam N.V. K.S.K Gouda-Apollo werd gebruikt tot in het begin van de jaren '70.
Einde van een tijdperk
Op 17 december 1980 vond de overname plaats door de Nederlandse Unileverbedrijven B.V. Enkele maanden later, op 2 maart 1981, werd de naam UnileverÂ-Emery N.V. gewijzigd in Unichema Chemie B.V. De laatste belangrijke wijziging vond plaats in 1983. Per 1 juni van dat jaar werd de kaarsenafdeling van de Unichema-Chemie B.V. een onderdeel van Bolsius Kaarsenfabriek uit Schijndel, onder de naam Stearine Kaarsenfabriek Gouda B.V. De nieuwe onderneming kreeg het exclusieve recht tot het voeren van het Gouda-merk in Nederland en het Gouda- of Apollo-merk in het buitenland. De produktie werd overgebracht naar Waddinxveen. Na 125 jaar heeft de kaarsenfabriek dus Gouda verlaten.
Â
Originele Gouda-kaarsen koopt u online bij:
Â






